Broer belt

Een onbekend nummer, dus ik neem netjes de telefoon op. Blijkt het de begeleidster van de broer van mijn zus te zijn. Ik vind het zelf altijd zo grappig klinken, de broer van mijn zus, maar erachter schuilt natuurlijk een Groot Drama. Ooit werd zus geboren als jongste van 11 kinderen. Broer weet dat niet eens, want ten tijde van haar geboorte vertoefde hij ergens in een tehuis of in een pleeggezin. Zelf is hij de volgorde van alle tehuizen en gezinnen waar hij heeft gewoond allang kwijt. Broer had de pech dat hij niet bij hun ouders weggehaald is. Bij de meeste kinderen gebeurde dat wel. Gevolg was dat de broers voor een deel opgroeiden in tehuizen en de zussen andere gezinnen kregen. Alleen Broer en nog een ander bleven deel uitmaken van het eigenlijke gezin, door steeds weer terug te keren. Inmiddels ken ik nog een broer, die wel al heel jong uit huis geplaatst is. Naast elkaar zijn het onmiskenbaar broers. Om te zien, maar vooral in de manier waarop ze op elkaar reageren. Maar wat zich laat zien is het verschil in verzorging dat ze hebben gehad en vooral de opvoeding die ze hebben genoten. Dat is ook het verschil met mijn zus. Die kwam als peutertje bij mijn ouders terecht. Een tijdje later kwam ik daarbij en als vierpersoonsgezin zijn we verder gegaan. Ze leek op Broer, in heel veel opzichten. Ik hoor over zijn worsteling in het omgaan met geld. Hij weet goed waar het aan schort, maar toch lukt het hem niet om het op de rails te houden. Het is of ik mijn zusje hoor praten. De luchtigheid waarmee je belangrijke zaken moet aanpakken, de toon van het gesprek, het gevoel voor humeur en zelfs de woordkeus. Het is alsof het een tweeling was. Mooi studiemateriaal voor de invloed van genetische aanleg versus omgevingsfactoren. Broer en ik kenden elkaar niet. Bijna bij toeval hebben we elkaar een paar jaar geleden voor het eerst ontmoet en vanaf dat moment maken we marginaal deel uit van elkaars leven. Meer hoeft niet. We zien en spreken elkaar een paar keer per jaar. Alleen waar anderen er tijden over doen om zijn vertrouwen te winnen, besloot hij na dat eerste bezoek dat ik bij hem hoorde. Zo. Klaar. Ik ben familie, al is het altijd wat moeilijk uit te leggen. Ik ben de zus van zijn zusje. Het zusje dat hij nooit gekend heeft. Dat hij ook nooit had kunnen kennen, want juist haar dood was de aanleiding om in hun familiegeschiedenis te duiken. En dat leidde weer tot onze ontmoeting. In tegenstelling tot zijn zusje heeft hij een hekel aan de telefoon. Maar als ik hem dan, eenmaal per jaar hooguit, aan de telefoon krijg, blijkt dat hij toch nog veel te vertellen heeft. Ik luister, naar de vertrouwde woorden en zelfs een beetje vertrouwde stem, al is deze wat dieper. En net als elke keer als ik hem zie of hoor, denk ik: wat zou het toch mooi geweest zijn, zij en hij, even bij elkaar.

1 Comment

Leave a Comment

Posting your comment...

Subscribe to these comments via email