De honeurs van de buurman

Al jaren gingen ze samen, zoon en buurman. In de dagen daarvoor hadden ze internet al afgestruind en folders uitgeplozen. Stoer en breed stapten ze in de auto op weg naar de grote klus. Aandoenlijk was het, zo’n grote man en zo’n kleine, bij voorbaat opgetogen over het doel van de dag.

Een tijdje later kwamen ze dan terug, elk met een grote tas. Ik kreeg even een kijkje op de gruwelijke inhoud, hopend dat die keurig in de tas zou blijven tot het grote moment, een paar dagen later om middernacht.

Maar nu kwam er dus een kink in de kabel. De afspraak lag er al maar tussen alle gedachten door moet buurman dat even vergeten zijn. En dus sneed het door mijn ziel toen zoon na de uitvaart opmerkte dat ze samen vuurwerk zouden halen. Ik zag hem in gedachten alleen in de rij, waar ze zich eerder altijd samen stonden te verkneukelen. Een echte keuze was het niet, ik kon het joch gewoonweg niet alleen laten gaan. Wel oud genoeg om het zelf te mogen kopen, maar nog niet oud genoeg om het leed van de wereld te torsen.

En zo bevind ik mij ineens in een lange gang, met zwarte open kastjes aan weerzijden aan de muur. Vol knallers, pijlen, potten en ander onbegrijpelijk vertier. Terwijl ik me nog afvraag hoe het lijstjes-syteem werkt, heeft zoon de aanvraag al ingevuld en troont hij me mee naar de kassa. We krijgen een nummer en bedrag en mogen door naar de volgende balie. Daar krijgen we een grote tas en de rekening. Ik wil niet onderdoen voor de buurman en rijd zonder morren naar het volgende adres, waar de pijlen blijkbaar goedkoper zijn. Op de vreemdste plekken vind je vuurwerk dezer dagen. Bij de fietsenmaker, het tuincentrum en de ijzerhandel. Ik doe stoer en koop een pak sterretjes, ik aarzel even bij een vuurwerkbril maar misschien is dat wel wat overdreven bij die staafjes.

Het is wel duidelijk: ik ben bepaald geen buurman. Verder dan de honeurs kom ik niet.

Leave a Comment

Posting your comment...

Subscribe to these comments via email