Gezien

“Mijn moeder is mijn naam vergeten, mijn kind weet nog niet hoe ik heet.” Wat mij altijd zo raakte in dit gedicht van Neeltje Maria Min is het gevoel niet gekend te worden. De mensen die het dichtst bij je staan kunnen jou niet benoemen, kunnen niet vertellen waar jij van houdt, waar jij behoefte aan hebt. Ultieme eenzaamheid, ook al ben je niet alleen.

Het is iets waar ik normaal niet zo bij stilsta. Er zijn veel mensen die me kennen en een paar mensen die me heel goed kennen, niet alleen bij naam, maar ook wie ik ben, waar ik van houd, waar ik boos om word, waar ze me blij mee kunnen maken. Omgekeerd is dat ook zo.

Maar als jij van anderen niet meer weet hoe ze heten, waar ze blij van worden, wat ze boos maakt? Vertrouw je er dan op dat een ander dat nog van jou weet? Of voel je je zelf dan ook niet meer gekend? Kun je je nog thuis voelen in een wereld die je niet meer herkent en waarin je niemand meer kent? En waarin je denkt dat niemand jou meer kent?

Al die gedachten roept mevrouw Hamer bij me op, wanneer de hond van een huisgenote op bezoek is. De hond woont nu bij de man van de huisgenote, maar altijd neemt hij hem mee als hij op bezoek komt. Mijn moeder geniet van de hond en vraagt zich meteen af waar haar eigen hond eigenlijk gebleven is. “Nou mam, die is er niet meer.” Even betrekt het gezicht van mijn moeder. “Maar dat is al 25 jaar geleden.” “Wat, zo lang al?” Dat is dan toch wel reden om te lachen. Treuren om een hond die al 25 jaar dood is, doet zelfs mijn bewogen moeder niet. “Maar je zou het wel leuk vinden als er hier een zou wonen he?” “Nou, zeker!”, antwoordt mijn moeder.

“Maar u niet, he mevrouw Hamer?”, zeg ik tegen de vrouw naast me. Haar mond vertrekt zich in een grimas, maar haar ogen lachen. “Nee, ik moet er niet aan denken.” Maar haar afkeer wordt even overstemd door de vreugde dat iemand, zomaar iemand, weet dat zij bang is voor honden. Zonder dat ze het hoeft te vertellen. Hoewel ze geen idee heeft wie er naast haar zit, kent diegene haar blijkbaar wel.

1 Comment

  • Boudewijn Betzema

    Lieve Ita, ik zit al een hele tijd zo, achter elkaar jouw opgeschreven gedachten te lezen en het ontroert me. De compassie, je inlevingsvermogen. Ik zou ze wel willen vertellen omdat ze zo gaaf van gevoel zijn… Misschien moeten we het daar eens over hebben.
    Dank je wel in ieder geval dat je dit zo wilt verwoorden. Boudewijn

    02 Mrt 2013 03:03 pm ()
    Reply

Leave a Comment

Posting your comment...

Subscribe to these comments via email